Afhouden van de piraten
Er lijkt geen einde te komen aan de negatieve geweldspiraal waarmee men probeert de Somalische piraten te bestrijden. Aanvankelijk bestreed men hen met waterkanonnen. Daar kwamen molotov cocktails en prikkeldraad langs de verschansing bij. Weer later voorzagen reders hun schepen van beroepsbewakers, veelal tot de tanden bewapende mannen met een militair verleden. Nu is gebleken dat hun enkele aanwezigheid niet meer voldoende afschrikwekkend is, grijpt men weer naar zwaarder geschut: de bewakers schieten terug en zij lossen daarbij niet enkel waarschuwingsschoten. Het aantal slachtoffers, voornamelijk aan Somalische zijde, neemt hand over hand toe. Bij elk sterfgeval zweren de Somaliërs luider wraak. Ondertussen neemt het aantal piratenaanvallen toe.
Is er dan niets te doen tegen piraten? Als geld geen rol speelt, zijn er mogelijkheden, vooralsnog in de James Bond achtige sfeer. De angst voor piraterij brengt Roman Abramovich, eigenaar van voetbalclub Chelsea, tot een heel bijzonder privéjacht. Het wordt de Eclipse, met 167 meter het langste privé jacht ter wereld. Het gaat 250 miljoen euro kosten. Het jacht krijgt onder meer high-tech wapens, kogelvrije ramen, een raketwerend systeem – dat waarschuwt wanneer er een raket aankomt zodat de koers verandert kan worden- en een onderzeeër. Als Abramovich snel van het jacht moet vluchten heeft hij meerdere opties: hij kan met een klein bootje wegvaren vanaf het schip, hij kan wegvliegen met een van de twee helikopters of hij kan 48 meter diep zinken met de onderzeeër.

De koopvaardij zit ondertussen ook niet stil. Geëxperimenteerd wordt met een akoestisch kanon dat ondraaglijk geluid op de piraten afvuurt. Netten waarin de scheepjes verstrikt zouden raken, glibberig schuim en een soort ’schrikdraad’ moeten het de piraten verder moeilijk maken. Bij lange na niet zulke geavanceerde oplossingen als die van Abramovich. Ze liggen meer in het verlengde van Joshua Slocum’s punaises op dek.
Slocum werkte zich eind negentiende eeuw door de Straat van Magelhaen. De ‘wilden’ van Vuurland hadden hem al een aantal keer in hun kano’s gevolgd en hij wist dat het een kwestie van tijd was voordat ze hem kwamen bezoeken. Als beveiliging had hij een even inventieve als effectieve oplossing: ‘I sprinkled the deck with tacks. I saw to it that not a few of them stood “business end” up. Now, it is well known that one cannot step on a tack without saying something about it. A pretty good Christian wil whistle when he steps on the “commercial end” of a carpet-tack; a savage will howl and claw the air, and that was just just what happended that night about twelve o’clock, while I was asleep in the cabin, where the savages thought they “had me”, sloop and all, but changed their minds when they stepped on deck, for then they thought that I or somebody else had them. They howled like a pack of hounds. They jumped pell-mell, some into their canoes and some into the sea, to cool off, I suppose, and there was a deal of free language over it as they went.’ Sailing Alone Around the World, Joshua Slocum (In het Nederlands verkrijgbaar bij Hollandia: Alleen met de Spray de wereld rond).








