Sally Lightfoot

Sextant navigatie

De sextant, theorie boeken van de Zeevaartschool, de Almanac, de starfinder en de het boek met de bizarre titel ‘HO249′, van belang voor de daarin opgenomen informatie over ‘Selected Stars’, zijn aan boord. De sextant komt uit het voormalige Rusland en oogt beslist niet modern maar dat hoeft ook niet. De afgelopen twee eeuwen is het instrument namelijk niet noemenswaardig veranderd. Aanvankelijke werkten zeelieden met het zee-astrolabium. Later met het kwadrant en de Jacobsstaf. Deze instrumenten dienden ertoe de hoek te meten tussen een hemellichaam en de horizon. Door die hoek te vergelijken met de gemeten hoek van verschillende bekende havens, kon men bij benadering vaststellen op welke breedte men zich bevond. Naar de lengte kon men, bij afwezigheid van een betrouwbaar uurwerk, slechts gissen.

Bij al deze instrumenten moest tegelijkertijd met hetzelfde oog naar twee verschillende dingen worden gekeken. De feitelijke onmogelijkheid hiertoe maakte de metingen grof en dus onbetrouwbaar. John Davis was in 1595 n.C. de eerste die een kwadrant ontwikkelde waarbij zon en kim op één lijn gebracht konden worden. Het duurde nog bijna honderd vijftig jaar voordat de directe voorloper van ons huidige sextant werd uitgevonden. John Hadley bouwde voort op een rudimentaire uitvinding van Isaac Newton en ontwikkelde de octant. Het werkte voor het eerste met het dubbel reflecterende principe en had als novum dat de boog, voorzien van graden, nu aan de onderzijde van het frame zat. Later ontstond behoefte aan het meten van grotere hoeken dan de negentig graden waartoe de octant geschikt was, en zo ontstond een instrument met een gradenboog van een zesde gedeelte van een cirkel. Door het dubbel reflecterende principe konden vanaf toen hoeken worden gemeten tot honderd twintig graden. 

Met de sextant kan de zon dus met behulp van twee spiegels, één vaste en één beweegbare aan een langs de gradenboog verschuifbare arm, op de horizon worden ‘gebracht’. De hoeveelheid graden die de spiegel moet kantelen voor dit ‘brengen’ wordt afgelezen langs de gradenboog en daarmee is de hoek gegeven tussen zon en einder. Zo ging het tweehonderd jaar geleden en zo gaat het nu nog. De voor de verdere berekeningen noodzakelijke informatie uit de Almanac en de starfinder zijn de afgelopen eeuwen ongetwijfeld aangescherpt. Wezenlijk veranderd zal het niet zijn.

Net als in haar oervorm, bevat het informatie over de positie van zon, maan, sterren en planeten ten opzichte van de waarnemer, afhankelijk van diens plaats op de wereld. Van recenter datum is de HO249. Die werd ontwikkeld in de tweede wereldoorlog om piloten gemakkelijker te laten navigeren. Die informatie hebben we dus op Joshua Slocum voor. De enige andere, meer substantiële knieval die we maken voor het moderne gemak, is het gebruik van een rekenmachine. Alle benodigde formules, die zelfs de meest geoefende stuurman hoofdpijn konden bezorgen, staan geprogrammeerd in onze rekenmachine en die schudden we dus uit onze spreekwoordelijke mouw.

Geert en ik worden geacht de theorie te kennen. Geert heeft die ook nog wel eens in de praktijk gebracht als officier op een groot dwars getuigd schip. Ik rommelde voor het laatst me de sextant op onze oversteek van Jemen naar Kenia. Het was goed voor wat leuke foto’s en maakte indruk op mijn mede opvarenden maar meer leverde het niet op. Ik maak me daarom geen illusies over mijn parate kennis. Duco wil een en ander graag leren en staat te popelen. Zodra we zijn ingeslingerd, gaan we aan de gang.

Deel met anderen:
  • Digg
  • Facebook
  • Google
  • LinkedIn
  • MySpace
  • NuJIJ
  • StumbleUpon
  • TwitThis